De Eenzame Uitvaart van Mevrouw D.B. in Turnhout

Dinsdag 19 mei 2026
Turnhout, begraafplaats Nazareth
Dichter van dienst: Lotte Dodion
Auteur verslag: akim a.j. willems

Mevrouw D.B. werd geboren op 15 november 1975 in Vulcan (Roemenië). Haar dood werd op 11 mei 2026 om 16:00 uur vastgesteld door de politie in haar flat in Turnhout. De asuitstrooiing vond plaats op 19 mei 2026 om 13:30 uur op begraafplaats Nazareth in Turnhout.

Op de derde verdieping staat nog altijd een paar roze damessloffen voor de deur van mevrouw D.B. wanneer ik op Hemelvaartsdag het flatgebouw bezoek waar ze woonde. Het is een feestdag en het weer is barslecht, dus ik hoop veel bewoners thuis aan te treffen. Dat valt tegen.

Er zijn drie andere flats op deze verdieping. Bij de eerste twee deuren waar ik aanbel, krijg ik geen gehoor. Bij de overburen opent een jongedame de deur. Mevrouw D.B. en haar overburen waren de allereerste bewoners die twee jaar geleden hun intrek namen in het nieuwe flatgebouw. Mevrouw D.B. woonde er alleen met haar kat en was nogal op zichzelf; ze zocht weinig contact. Het contact kwam vooral van de jonge vrouw aan de overkant van de hal. Ze klopte soms aan voor een praatje of wat hulp met de administratie. De overbuurvrouw weet niet of mevrouw D.B. nog contact had met haar familie in Roemenië. Wel dat er ooit een Belgische echtgenoot was, "maar daar praatte ze liever niet over".

In april zijn de overbuurvrouw en haar moeder enkele weken in het buitenland en is er geen contact met mevrouw D.B. Een week na thuiskomst valt het haar op dat de sloffen bij de voordeur onaangeroerd bleven Ze belt meermaals aan en probeert haar telefonisch te bereiken, maar krijgt geen reactie. Wanneer het begint te ruiken in de hal, belt ze de politie. Die vinden mevrouw D.B. op de grond achter haar deur. Ze overleed aan een natuurlijke doodsoorzaak.

Bij de buren die ik niet kan spreken, laat ik een briefje in de brievenbus achter met de vraag mij te contacteren. Buurman Dirk mailt mij later. Volgens hem was ze “vaak vrolijk, soms neerslachtig, hield ze van rust, netheid en orde en was ze een zeer rustige buurvrouw die wel in actie kwam wanneer men haar nachtrust verstoorde”. De buurman zag haar “af en toe op de gang of in het gebouw. Dan babbelden we kort met elkaar”. Hij haalt ook een herinnering op aan oudejaarsavond 2024: “Rond 23:30 uur klopte ze op mijn deur. Ze vroeg of ik met haar een glas wijn wou drinken. Blijkbaar waren wij de enigen die op dat moment in het gebouw aanwezig waren. We hebben samen op de gang een glas wijn gedronken, wat gebabbeld en geklonken op het nieuwe jaar.”

Later op Hemelvaartsdag bestudeer ik de Facebookpagina van mevrouw D.B. Vier foto’s zijn publiek zichtbaar. Ze werden in de zomer van 2015 gepost. Mevrouw D.B. woonde toen op een ander appartement op vijf minuten wandelen van haar laatste adres. Haar profiel- en bannerfoto tonen een kat met helblauwe ogen in een pikzwarte kop boven een zeer pluizige beige vacht. Op de andere foto's staat mevrouw D.B. zelf: een veertigjarige dame met zwart haar tot over de schouders, knalrood gestifte lippen en donkere, priemende ogen onder zwaar aangezette potloodstreepwenkbrauwen. Op twee van de foto's draagt ze een lange witte vest met een dubbele rij knopen en breed omgeslagen mouwen. Ik weet niet of het een moderne jas of een te grote koksvest is. Op een andere foto draagt ze een hemd dat even rood als haar lippenstift is onder een kort wit jasje en heft ze, tegen de achtergrond van een café-biljart, een glas cava richting de onbekende fotograaf.

Bij haar "Bio" slechts één zin: "jij wil mijn [sic!] niet ontmoeten." De context ken ik niet, uitnodigend is het alleszins niet. Zou de boodschap aan iemand specifiek gericht zijn? Of is ze illustratief voor haar hele visie op sociale contacten en ontmoetingen met anderen?

We komen ook wat te weten over de muzieksmaak van mevrouw D.B. Er zijn links naar Youtubeclips van Marvin Gaye, Shakira, Luis Fonsi & Demi Lovato, een disco-mix en André Hazes.

Mevrouw D.B. had zeventien Facebookvrienden. Het is een klein, maar internationaal gezelschap met mensen uit België, India, Italië, Cuba, Peru, Filipijnen en Roemenië. Twee van hen komen net als mevrouw D.B. uit Vulcan en dragen dezelfde achternaam. Een van hen is ongetwijfeld een zus - de gelijkenis is te treffend. Ik stuurde de zeventien contacten, en nog enkele andere Facebookprofielen die een 'like' bij haar foto's achterlieten, een bericht via Messenger: of ze mevrouw D.B. kennen, wat hun relatie met haar is en of ik hen enkele vragen over haar mag stellen. Slechts twee mensen reageerden op mijn bericht. Een van de Cubanen liet weten dat hij haar eigenlijk helemaal niet kent. Een dame die ook in Vulcan opgroeide, maar ondertussen in Denemarken woont, antwoordde dat ze mevrouw D.B. gekend heeft toen ze jonger was. Nadat ik haar uitlegde waarom ik haar contacteer, kreeg ik geen echte antwoorden meer op mijn vragen. Ze confirmeerde enkel nog dat de twee mensen met dezelfde achternaam een broer en zus van mevrouw D.B. zijn. Een uur later stuurde ze mij toch nog een bericht: "iemand van de familie” zal mij contacteren.

Eerder mailde ik de gemeentediensten van Vulcan met de vraag of ze familieleden konden helpen opsporen. Ze lieten weten dat de familie op de hoogte was. Ook daar dezelfde boodschap: "iemand van de familie" mij zal contacteren.

Het telefoontje van "iemand van de familie" komt in de vooravond binnen. Ik zit in mijn wagen als er een nummer uit het Verenigd Koninkrijk op mijn iPhone verschijnt. Ik denk dat het een klant is die mij op mijn vrije dag belt en laat de oproep naar voicemail gaan. Niet veel later komen er, via een Roemeens nummer, berichten op mijn WhatsApp binnen. Cristian stelt zich voor als de neef van mevrouw D.B. en de zoon van haar zus en vraagt of ik hem kan terugbellen op zijn Britse nummer. Ook aan de neef leg ik uit waarom ik contact zoek, hij vertelt op zijn beurt dat de familie al contact had met het Laatste-Reis-Bureau en dat er een zus naar België zal komen voor de uitvaart. We spreken af dat ik later die avond enkele vragen over haar leven zal doorsturen.

Mevrouw D.B. werd geboren op 15 november 1975 – wanneer het Laatste-Reis-Bureau deze geboortedatum doorgeeft, moet ik even slikken: deze vrouw was bijna twee jaar jonger dan ik - in Vulcan, in Roemenië. Vier jaar eerder voerde Ceaușescu een staalharde dictatuur in. Mevrouw D.B. groeide op in een land waar strenge ideologische controle en censuur golden, waar de nationalistisch-communistische dictator verheerlijkt moest worden en politieke loyaliteit verplicht was. De Siguranța (geheime politie) zorgde ervoor dat iedereen in de pas liep.

Vulcan was toen een typisch communistisch arbeidersstadje in de Jiu-vallei (Valea Jiului), een zwaar geïndustrialiseerde mijnregio in Zuidwest-Transsylvanië. De mijnwerkers hadden een zeker prestige als “helden van de socialistische arbeid” en verdienden relatief goed de kost. Mevrouw D.B. werd in dit stadje geboren als jongste van een gezin met nog vier zussen en een broer. Haar ouders waren hardwerkende mensen die een eenvoudig leven leidden.

Roemenië ging in de jaren ’70 grote buitenlandse leningen aan om de grootschalige industrialisatie te financieren. Toen de olieprijzen stegen en export moeilijker werd in de jaren ‘80, kwam het land in diepe schulden. De economische crisis bracht nog meer politieke repressie en verarming; voedselrantsoenen, lange wachtrijen in de winkels, elektriciteitsonderbrekingen, beperkte verwarming, benzinerantsoenen en een gebrek aan importproducten bepaalden het dagelijkse leven.

De economische crisis trof de Jiu-vallei, waar mevrouw D.B. op dat moment een tiener en scholier was, zeer zwaar. Hoewel steenkool strategisch belangrijk bleef, was de infrastructuur verouderd, verslechterde de veiligheid in de mijnen en nam de schaarste van consumptieproducten toe. Het leven in Vulcan werd gekenmerkt door vervuiling, politieke controle en dictatuur, armoede en fysieke uitputting.

In 1989 was Roemenië wellicht het hardste en het armste regime van het Oostblok. Terwijl in Polen Solidarność gelegaliseerd werd, Hongarije de grenzen opende, Tsjechoslowakije de Fluwelen Revolutie kende en in Berlijn de Muur viel, weigerde Ceaușescu hervormingen toe te laten. Dat leidde in december van dat jaar tot een zeer gewelddadige revolutie, eerst in Timișoara, later ook elders in het land. De situatie ontvlamde op 15 december en escaleerde zeer snel. Ceaușescu vluchtte uit Boekarest, maar werd gearresteerd en geëxecuteerd op 25 december 1989.

De jaren die volgden (1990-1995) – waarin de ex-communistische dictatuur probeert zichzelf opnieuw uit te vinden als democratisch en kapitalistisch land – waren zeer zwaar. Van de ene op de andere dag verdwenen de staatsplanning, de subsidies en de gegarandeerde werkzekerheid. In de plaats kwamen massale werkloosheid, inflatie, corruptie, privatisering en de sluiting van fabrieken.

Mevrouw D.B. studeerde in 1993 af aan het Technisch College van haar stad. Zoals veel van haar generatiegenoten wilde ze weg uit de dramatische situatie in Roemenië en ging ze op zoek naar een betere toekomst in een ander land. Een nieuw leven in België beginnen was niet makkelijk, maar mevrouw D.B. was vastberaden. Ze ging aan de slag op een kippenboerderij, waar ze geapprecieerd werd voor haar inzet, ze vond liefde bij een Belgische man waar ze mee huwde (maar later van scheidde) en bouwde een kleine vriendenkring op. Ondanks de afstand bleef er sporadisch contact met haar familie en bleef ze altijd in de gedachten van haar broer, zussen en andere familieleden.

Ik arriveer vroeger dan gewoonlijk op begraafplaats Nazareth. Toch ben ik niet als eerste ter plaatse. Ik draai de parking op en zie in mijn ooghoek dat Lotte net haar fiets op slot legt. Ik parkeer mijn wagen en zie links voor me een auto met Roemeense nummerplaat. De neef van mevrouw D.B. had laten weten dat een zus – niet zijn moeder, maar nog een andere – naar België zou komen voor de uitvaart. Op de parkeerplaats tegenover de mijne staat Simona al te wachten. Ze is Roemeense, woont al veertien jaar in België en zal voor ons tolken.

Zodra ik uit mijn wagen stap, komen Mariana - de zus - en haar echtgenoot en Simona naar mij toe. Terwijl we kennismaken, sluit ook Lotte aan. Simona vertaalt vragen van de zus: wat er bedoeld wordt met ‘natuurlijke doodsoorzaak’, wie hen meer informatie kan bezorgen, of ze op het appartement terecht kunnen voor wat persoonlijke spullen van mevrouw D.B., enzovoorts. Niet veel later daagt er nog een dame op; Valerie werkt voor de sociale verhuurmaatschappij waar mevrouw D.B. huurde. Ze zal de zus kunnen helpen met dat laatste. Ze laat ook weten dat buurman Dirk onderweg is. Hij zal er over vijf minuten zijn. “Vertel mij over mijn zus”, vraagt Mariana zacht aan Valerie. Buurman Dirk zal na de asuitstrooiing dezelfde vraag krijgen.

Met ons zevenen lopen we achter de wagen met de urne naar de strooiweide. Als de urne op de sokkel geplaatst is, neem ik het woord. Simona vertaalt mijn korte introductie, daarna lees ik de Engelstalige eulogie voor die de neef en zijn moeder mij bezorgden. Voor we naar Lottes gedicht overgaan, vraag ik aan Mariana of zij iets wil zeggen. Deze eenzame uitvaart is anders. Vandaag zijn er wel naaste verwanten aanwezig. De nabijheid van hun rauwe verdriet laat ons niet onberoerd. Na de woorden van Mariana leest Lotte haar gedicht.

PANTOFFELS

voor D.B.

thuiskomen bij jezelf
je deed het elke dag
je had er niet veel voor nodig:
rust, een kat stugzacht als vast tapijt, een paar pantoffels

je had al jong je verleden
in een koffer gevouwen
wat had je aan te geven?

de droom van een generatie: een beter leven
al je bijeengespaarde moed
om bij de douane je rijke moedertaal
te ruilen voor een spaarzaam mondje nieuw begin
dankuwel, ik ben, een beetje


zwevend tussen werelden
somtijds uitreikend naar het moederschip
Bună, este cineva acolo?


ik beeld me in dat je daarom die pantoffels had
om je voeten in de zalmzachte voering te schuiven
drie keer met gesloten ogen je roze
hielen tegen elkaar te kunnen klikken
om te weten ik ben thuis

je hebt ze niet meer nodig nu
door de politie is vastgesteld dat je vertrokken bent
je hebt je paspoort afgestempeld
met je laatste adem die ochtend, middag, avond in mei
alleen jij was er en wist
dat het tijd was om dit dappere leven dicht te vouwen
in de koffer van je lichaam achter te laten
de grens over te gaan naar het licht.

Simona hielp ons om het gedicht naar het Roemeens te vertalen. Zij leest de vertaling voor. We schenken het origineel en de vertaling, gebonden in een uitgaafje van vier pagina’s, aan de zus en haar echtgenoot.

Mariana kiest een plaats aan de zonnekant van de uitstrooiweide om de as van haar zus uit te strooien. Het waait behoorlijk. De man van het Laatste-Reis-Bureau suggereert om uit de wind te gaan staan. Terwijl wij wat afstand houden, stapt de zus het grasperk op en zet zich vlak bij de plek waar de as uitgestrooid wordt. De wind brengt de twee zussen nog een laatste keer heel even samen. Daarna volgt een minutenlange stilte – het snikken van de zus buiten beschouwing gelaten.

Ik suggereer om de familie wat ruimte en tijd op zichzelf te geven – ondanks hun dankbaarheid voelden we ons een beetje indringers in een intiem privé-moment van verdriet. We nemen afscheid en we wandelen terug naar de parking.

Of België mevrouw D.B. het betere leven bracht dat ze zocht, weet ik niet. Maar het had langer mogen duren.

Reacties

Contact

VONK & Zonen

Maarschalk Gerardstraat 4 - 2000 Antwerpen

email hidden; JavaScript is required

Op de hoogte blijven van nieuwe verslagen en gedichten?

Schrijf je in voor de nieuwsbrief
Ondersteund door:
made by