De Eenzame Uitvaart van Mevrouw L.V. in Leuven

Dinsdag 3 februari 2026
Leuvense stadsbegraafplaats
Dichter van dienst: Herlinda Vekemans
Auteur verslag: Peter Mangel Schots

Mevrouw L.V. werd geboren op 16 september 1940 in Leuven en overleed te Leuven-Wijgmaal op 26 januari 2026. De asuitstrooiing vond plaats op dinsdag 3 februari op de Leuvense stadsbegraafplaats.

Toen haar echtgenoot een kleine twintig jaar geleden overleed, bleef mevrouw V. achter in een wereld die ze niet helemaal meester was. Het betekende het einde van een uitbundig en sociaal leven. Dansen deed ze voortaan alleen nog met een van de vele poppen die haar kamer vulden.

Het was een apart koppel, mevrouw V. en haar man G. Ze maakten soms kletterende ruzie, maar konden elkaar niet missen. Duidelijk tegenpolen die elkaar aantrokken. Maar dat zijn feiten die ik pas later verneem. Aanvankelijk is er niet zoveel info beschikbaar, haar uitvaart staat bij de Onderneming niet eens als eenzame uitvaart geregistreerd.

Het is buurtwerkster Karen die ook bij de vorige eenzame uitvaart, van meneer A.B., aanwezig was, die ons op de hoogte brengt. Ze heeft aan de Onderneming laten weten dat er enkele hulpverleners naar de begraafplaats zullen komen, vandaar het misverstand. Wanneer er alleen professionals aanwezig zijn, beschouwen wij het toch als een Eenzame Uitvaart.

Karen begeleidde mevrouw V. de voorbije drie jaar. Ze bracht haar bezoekjes, deed de administratie en paste wat op haar. Mevrouw V. woonde aan de lange, meanderende Wakkerzeelsebaan in Wijgmaal, de baan waarlangs Leuvenaars en studenten begin juli naar Rock Werchter fietsen. Het was een leuk oud huis met een grote tuin en toen mevrouw V. en haar man er destijds introkken, moet het ruim en riant geoogd hebben. Maar in al die jaren waren er geen opknapwerken gebeurd. Er was geen echte badkamer, de elektriciteit begon mankementen te vertonen, het dak lekte op verschillende plaatsen. Toen ze, als een grap in een stripverhaal, de regen met potten en pannen moest opvangen, kon Karen niet anders dan haar in een serviceflat onderbrengen.

Daar leidde mevrouw V. een relatief tevreden maar teruggetrokken leven, erg in contrast met de uitbundige vrouw die ze ooit was geweest. Samen eten met de andere bewoners deed ze nooit. Ze bleef op haar flatje, tussen haar poppen. Bezoek kreeg ze amper. Af en toe kwam Bea langs, die mevrouw V. jarenlang onder haar hoede had vóór Karen. Bea werkte tot haar pensioen voor de vzw Pastya, die psychiatrische thuiszorg verleent.

Buurtwerk, psychiatrische zorg, het klinkt verontrustend, maar eigenlijk was er bij mevrouw V. amper een ziektebeeld aanwezig. Ze was op bepaalde vlakken gewoon weinig zelfredzaam, wat wereldvreemd. De oorzaak daarvan ging terug tot haar jeugd.

Mevrouw V. was enig kind. Toen ze nog een puber was, werd haar moeder ernstig ziek. Ze verpleegde haar zo goed ze kon, gaf er school en studies voor op, maar weinig later overleed haar moeder. Ze bleef achter met haar vader, die ze altijd pa’ke noemde. Vader en dochter trokken zich aan elkaar op, twee handen op één buik. Pa’ke was haar held. Hij regelde alle praktische en financiële zaken. Samen speelden ze accordeon.

Toen er een nieuwe vrouw in pa’kes leven kwam, was dat een flinke klap voor haar. Met die nieuwe stiefmoeder kon ze totaal niet overweg.

Het moet in die periode geweest zijn, begin jaren 60, dat mevrouw V. haar man G. leerde kennen. Zij werkte als arbeidster in de zeepfabriek van Persil in Herent. Hij had er ‘een goei positie’ zoals dat heette, een kaderfunctie allicht. Tussen mevrouw V. en de iets oudere G. klikte het wonderwel. Het was het klassieke verhaal van Pygmalion, van professor Higgins en Eliza Doolittle. Hij bewonderde haar buitengewone, haast naïeve spontaniteit, haar ‘franke teut’ ook, want ze drukte zich schaamteloos en in plat Leuvens uit. Zij keek naar hem op wegens zijn verstand. Net als haar vader behandelde ‘hare G.’ mevrouw V. als een prinses, hij nam haar alle administratieve zaken uit handen. Met rekeningen, facturen of andere geldzaken hoefde zij zich nooit bezig te houden.

Het koppel leefde goed, al kon het er soms flink stuiven. Ze gingen graag en zwaar op stap, waarbij zij danste op de cafétafels. Ze was een kleine vrouw met veel pit, die zich graag opmaakte en zich aan de wereld toonde. Samen zakten ze stevig door, op een keer reed hij met haar achter op zijn scooter de vaart in.

Tot rust kwamen ze bij hun honden. Hij had altijd een poedel, zij een pinscher. Vaak gingen ze al voor de zon opkwam met hun honden wandelen. Een andere grote hobby van hem was rommelmarkten afschuimen en verzamelingen aanleggen. Hij bezat een grote collectie van Kuifje-spullen waar hij trots op was. De ochtend van Rock Werchter opende hij zijn garagepoort en stalde alles uit, zodat de passanten zijn collecties konden bewonderen. Haar hobby was poppen. Ze verzamelde ze met evenveel enthousiasme als haar G.

Dat was één kant van het koppel.

G. mocht haar dan wel als een prinses behandelen, ook andere vrouwen mochten in zijn belangstelling delen. Flirten zat hem ingebakken, hij deed het overal, soms onder haar neus met de kassajuffrouwen in de supermarkt. Mevrouw V. wist er ook het fijne niet van maar voelde aan alles dat haar G. soms niet was wie ze dacht. Dat leidde tot ruzies.

Het stevig op stap gaan begon ook uit de hand te lopen. Ze dronken meer dan goed voor hen was. Mevrouw V. werd er nog brutaler door, G. trouwelozer. Bij G. werd het drankgebruik echt problematisch, hij moest ervoor in behandeling. Enkele keren werd G. opgenomen in Tienen, maar van zodra hij thuiskwam herviel hij telkens weer. Daarom werd er begin de jaren 2000 thuiszorg opgestart. Bea was degene die namens Pastya bij het koppel langsging en hen jarenlang begeleidde.

Mevrouw V. was op dat moment nog een prille zestiger met de allures van een diva. Lang haar, een sportief lichaam – jarenlang was ze bijna dagelijks gaan zwemmen. Maar gaandeweg slopen wantrouwen en achterdocht haar leven binnen. Ze kwam niet zoveel meer buiten, alleen voor dag en dauw om haar hond uit te laten, en liet G. vaak alleen de boodschappen doen. En dan, ergens tussen 2005 en 2010 stierven achtereenvolgens de poedel van G. en G. zelf. En nog wat later haar eigen laatste pinscher. Veel verlies, dat mevrouw V. moeilijk kon verstouwen. Een begrafenis regelen of financiële zaken afhandelen, daar was ze niet toe in staat. Niet dat ze dom was, ze had het gewoon nooit geleerd. Bea nam haar de praktische beslommeringen uit handen. De broer van G. werd niet voor de begrafenis uitgenodigd, die zou haar en G. ooit bedrogen hebben. Mogelijk is die broer zelfs nog in leven, niemand die het weet.

Na de dood van G. werd mevrouw V. écht wantrouwig, zelfs de postbode mocht niet bij haar binnenkomen. Ze sloot zich op en liet het helemaal hangen. Het flamboyante dametje verwelkte zienderogen.

Het is iets wat ze wel vaker vaststellen, legt Bea uit. Oudere mensen die door een schokkende gebeurtenis plots helemaal keren. Mevrouw V. verzorgde zich niet mee, waste zich te weinig en droeg vaak dezelfde kleren. Haar lange haar liet ze niet meer knippen of kleuren, de witgrijze staart hing tot op haar kont. Naar buiten ging ze helemaal niet meer, want de mensen zouden zien hoe ze veranderd was, niet meer het perfecte plaatje van vroeger. Gelukkig waren er anderen die voor haar zorgden en boodschappen deden: buurtwerkers, hulpverleners, de senioreninspecteurs van de politie.

Toen Bea een aantal jaren geleden met pensioen ging, namen anderen het over. Bea nam wat afstand, om mevrouw V. aan de nieuwe gezichten te laten wennen. Rond die tijd begon Karen haar op te volgen namens het buurtwerk van Zorg Leuven.

Karen schets het beeld van een vrouw die nog altijd veel pit in haar karakter had: ‘L. kon erg koppig zijn. Als ze slechtgezind was, stond je na vijf minuten weer buiten. Als ze goedgezind was, had je aan een uur niet genoeg.’ Karen had er wel wat op gevonden: mevrouw V. hield van muziek, als ze daar met haar over sprak, waaide haar boze bui snel over. ‘Ze had ook veel humor,’ zegt Karen, ‘ze vertelde graag moppen.’

Toen haar huis zowat dreigde in te storten, moest mevrouw V. dus naar een serviceflat van Wijgmaalbroek. Haar poppen verhuisden mee. Af en toe nam ze er een vast en danste ermee door de kamer. Honden kon ze niet meer houden, maar in het tuintje rond de serviceflats had ze een schildpad rondlopen. Soms was die verdwenen, dan keerde ze weer terug, een beetje op het ritme van mevrouw V. haar humeur. Maar als de verpleging iets van mevrouw V. moest gedaan krijgen, hadden ze nog een truc in hun mouw: dan stuurden ze de jonge mannelijke verpleger op haar af. Werkte altijd.

Toen Bea een keer in Wijgmaalbroek moest zijn, bracht ze een voorzichtig bezoek aan mevrouw V. – even kijken of het nog zou klikken. De twee mondige dames wisten mekaar nog altijd te appreciëren, om de paar maanden kwam Bea even langs.

In december vorig jaar werd mevrouw V. – ondertussen 85 jaar – te hulpbehoevend om in haar serviceflat te kunnen blijven. Ze verhuisde naar het eigenlijke woon-zorgcentrum Wijgmaalbroek. Een kamer tussen de vele andere, een patiënt tussen de anderen, gedaan met de rust en geborgenheid van haar flatje. De nieuwe verhuis beviel haar allerminst.

In januari werd ze ziek. Karen bezocht haar in de kliniek. Samen zongen ze ‘Hij speelde accordeon’ van Luc Steeno. Nog even flakkerde mevrouw V. op. Daarna zakte ze stilletjes weg. Bea werd nog verwittigd, maar toen zij op bezoek ging, lag mevrouw V. al in een coma. Ze overleed in de nacht van zondag 25 op maandag 26 januari.

Dinsdagmiddag staat er een heuse kring van mensen te keuvelen op de Leuvense stadsbegraafplaats. Niet enkelen, zoals wel eens gebeurt wanneer de occasionele zorgverlener een eenzame uitvaart bijwoont, maar – als ik ze tel – een heel dameselftal. Herlinda is er al, Bea introduceert zich, ik herken Karen van de vorige keer en er is een vrouwelijk senioreninspecteur aanwezig. Karen stelt de anderen voor als medewerksters van Zorg Leuven, het buurtwerk en Pastya. Het is hartverwarmend hoeveel mensen zich het lot van mevrouw V. aangetrokken hebben.

Maar er is ook een duo aanwezig dat niet uit de zorgverlening komt. Twee kleine dames van middelbare leeftijd die erg op elkaar gelijken. Het zijn achternichten van mevrouw V. Ze leggen uit hoe hun verwantschap in elkaar zit. We zouden zeggen ‘familie van het zevende knoopsgat’, maar de familie van mevrouw V. was niet groot en bovendien was haar vader de peter van een van beide zussen, dus kwamen ze er vaak over de vloer. Ook als kinderen al. Mevrouw V. was een bijzonder persoon, met wie je je nooit verveelde.

Ook na de dood van G. bleven ze af en toe binnenspringen in het huis aan de Wakkerzeelsebaan. Tot ze de woning op een dag gesloten aantroffen. Mevrouw V. was weg, ze wisten niet waarheen. Nu ja, ze hadden natuurlijk wel een vermoeden en klopten dus aan bij het nabijgelegen Wijgmaalbroek. Of daar geen L.V. verbleef? Helaas, dat mocht de baliemedewerkster niet zeggen. Privacyredenen. De zussen probeerden het nog eens, maar er hielp geen lievemoederen aan, blijkbaar was hun graad van verwantschap ontoereikend om die informatie te verkrijgen. Geen bezoekjes meer aan mevrouw V... Ze spreken er schande van.

Het is maar een van de vele anekdotes die opgerakeld worden wanneer we staan te wachten tot het uur gekomen is om in een – zowaar echte – stoet achter de lijkwagen aan te lopen naar de strooiweide.

Daar spreekt de man van de Onderneming een kort welkomstwoord uit en nodigt hij Herlinda om haar gedicht voor te dragen.

Zonder hen

voor L. een lied op haar accordeon

Je werd geboren met een oorlog aan je wieg
Alles was schaars: geen broers, geen zussen
een moeder maar voor even
je pa hield het licht in je ogen hoog en lief
zonder hem was je wellicht weggedeemsterd

de fabriek was al snel daar
waste je grapjasserij met zeep en lawaai
Je dagen zaten strak in tijdsdwang gekneld
maar daar was ook je man
hij liet het licht in je ogen toveren
zonder hem had je nooit op tafel gedanst
zonder hem bleef de ster in jou verborgen

samen op de brommer reden jullie de vaart in
samen werden jullie en de honden oud
hij was geen heilige, wel je held
er waren lieve mensen die voor je zorgden
maar zonder hem hield je steeds vaker
de luiken van je ogen gesloten
zonder hem ben je stilletjes weggedeemsterd

Ook Karen en Bea lezen nog een persoonlijke tekst voor, waaruit nogmaals blijkt wat een pittige, koppige, openhartige persoon mevrouw V. was.

Na alle mooie woorden vraagt de man van de Onderneming waar de as van mevrouw V. mag uitgestrooid worden. De twee zussen wijzen een plek onder een boom aan. ‘Ze zat graag onder een boom, in de schaduw.’

Een voor een brengen we aan de rand van de strooiweide een laatste groet.

Nog even blijven we praten. De vrouwen van de zorgverlening over hun werk, over mevrouw V. en andere patiënten. Ik klamp de twee zussen even aan: als ze geen contact meer hadden met hun verre ‘tante’, hoe zijn ze dan hier terechtgekomen? Hoe wisten ze van de uitvaart?

‘Ach meneer,’ zeggen ze, ‘we hebben het overlijdensbericht op de website gelezen.’

Van de Onderneming? Maar als ze niet wisten hoe het met haar ging, of ze ziek was, zelfs waar ze precies verbleef, dan… Dan moeten ze jarenlang geregeld die site gecheckt hebben? Is dat iets wat mensen vanaf een zeker leeftijd sowieso doen, vraag ik me af.

Ze knikken alleen maar.

Wanneer ze willen weggaan, stel ik hun een laatste vraag. Of beter: ik wil hun graag nog iets meedelen. Dat het mij opvalt hoe fel ze op elkaar lijken, ook al zijn ze natuurlijk zussen.

Ze lachen guitig, waardoor ik iets van mevrouw V. in hen meen te zien. ‘Wij zijn een tweeling.’

Reacties

Andere uitvaarten van deze dichter

  • De Eenzame Uitvaart van Meneer A.S. in Leuven
    Meneer A.S. werd geboren in Erps-Kwerps op 2 april 1945. Hij werd in zijn appartement in Kessel-Lo dood aangetroffen op dinsdag 10 januari 2023. Op dat ogenblik was hij al enkele weken overleden. De asuitstrooiing vond plaats op woensdag 18 januari op de Leuvense stadsbegraafplaats. Dichter van dienst was Herlinda Vekemans.
  • De Eenzame Uitvaart van Mevrouw I.M. in Leuven
    I.M. werd geboren in Aarschot op 27 september 1938 en overleed op donderdag 31 mei in Leuven in woonzorgcentrum Edouard Remy, waar ze sinds enkele maanden verbleef. De asuitstrooiing vond plaats op dinsdag 5 juni 2018 op de Leuvense stadsbegraafplaats. Dichter van dienst was Herlinda Vekemans.
  • De Eenzame Uitvaart van Meneer J.B. in Leuven
    Meneer J.B. werd op 9 mei 1950 geboren in Oudergem. Hij werd in zijn appartement in Leuven dood aangetroffen op 15 december 2015. Op dat ogenblik was hij al enkele weken overleden. De asuitstrooiing vond plaats op vrijdag 18 december 2015 op de Leuvense stadsbegraafplaats. Dichter van dienst was Herlinda Vekemans.
  • De Eenzame Uitvaart van Meneer J.J. in Leuven
    Meneer J.J. werd op 8 juni 1926 geboren in Kessel-Lo en overleed op 16 maart 2015 in woonzorgcentrum Edouard Remy te Leuven, waar hij verbleef sinds 2002. Zijn asuitstrooiing vond plaats op donderdag 19 maart 2015 op de stadsbegraafplaats van Leuven. Dichter van dienst was Herlinda Vekemans.
Contact

VONK & Zonen

Maarschalk Gerardstraat 4 - 2000 Antwerpen

email hidden; JavaScript is required

Op de hoogte blijven van nieuwe verslagen en gedichten?

Schrijf je in voor de nieuwsbrief
Ondersteund door:
made by